De historie van Epen

De historie, en eigenlijk is er niet veel veranderd..

Het huidige Epen is ontstaan rondom de ‘Paulusbron’ en de latere ‘Pauluskerk’. Om precies te zijn: in het jaar 1040 werd in Epen de eerste versterking gebouwd. Bewijsmateriaal, de restanten van een verdedigbaar huis (chateau à motte) uit genoemde periode, is thans nog steeds zichtbaar op het erf van de grootste vakwerkboerderij van Nederland, de Dorphof te Terziet – Epen.

Door de aanwezigheid van honderden bronnen worden gronden tot vruchtbare akkers en weilanden. De boeren weten maar al te goed dat ze natuur en landschap moeten koesteren om hun veestapel gezond te houden. Het in de middeleeuwen gevormde cultuurlandschap met prachtige veldwegen en kerkpaadjes wordt doorkruist door de Geul, het snelst stromende riviertje van Nederland. De oude watermolens langs dit dartele riviertje doen nu dienst als graanmolen voor ambachtelijke bakkers.
Reeds vanaf de tweede helft van de 19e eeuw huisvest het pand “Ons Epen” een horecagelegenheid: een gezellig dorpscafeetje. Het overgrote deel van het complex is dan als boerderij in gebruik. In 1893 besluit men een en ander te verbouwen en een gedeelte van de toenmalige herberg in te richten als ‘gasthuis’ voor toeristen. We spreken dan over ‘Herberg Sprooten’, de voorloper van wat nu ‘Ons Epen’ is.

De gasten genieten in die tijd reeds van de markant mooie natuur; flora en fauna die Eli Heijmans in 1911 euforisch beschreven heeft in zijn boek: “Uit ons Krijtland”. Door de jaren heen hebben talloze verbouwingen er steeds voor gezorgd dat het aanbod aan de wensen van de tijd werd aangepast. In 1954 wordt voor het eerst officieel de naam ‘Ons Epen’ gebruikt. Vandaag de dag is niet alleen deze naam maar ook de natuurpracht in het land van Epen nog net als toen, en weten inwoners, boeren en toeristen dit op een unieke manier te waarderen en met elkaar te delen.

Graag gunnen wij u een kijkje in de wereld van toen!
Een wandeling over eeuwenoude wandelpaden, u wordt hier geconfronteerd met herinneringen aan de tijd van toen. Belemnieten, zeeëgels en andere fossielen, die in het land van Epen te vinden zijn, geven een extra dementie aan
het karakter van het Geullandschap. Ook al is het landschap her en der agrarisch gecultiveerd, u ruikt er nog steeds het oeroude leefklimaat van weleer. Rijkelijk aangevuld met vakwerk paleizen uit de middeleeuwen.